Glucose

Glucose (ook wel druivensuiker of dextrose genoemd) is de voornaamste energiebron van lichaamscellen. Glucose komt uit onze voeding en ontstaat uit de afbraak van koolhydraten. Koolhydraatrijke voedingsmiddelen zijn bijvoorbeeld brood, aardappelen en rijst en zoetigheden als jam, koek, chocolade en natuurlijk suiker (sacharose). Koolhydraten in graanproducten zijn ‘groot' en worden tijdens de spijsvertering in de darmen afgebroken tot kleinere bestanddelen. Glucose is het kleinste koolhydraat. Strikt genomen is glucose niet hetzelfde als suiker. Suiker is een verbinding van fructose (vruchtsuiker) en glucose (druivensuiker), maar wordt in het darmkanaal heel snel afgebroken tot glucose en fructose, die vervolgens in het bloed worden opgenomen. Letterlijk gesproken is diabetes dus eigenlijk geen suikerziekte, maar "druivensuikerziekte".
De darmwand neemt de glucose uit de voeding op en geeft het door aan het bloed. Het glucoseaanbod is vlak na een maaltijd groter dan het lichaam op dat moment voor de verbranding (energielevering) nodig heeft. Dit overschot moet daarom door het lichaam worden verwerkt.